Bewindvoering

In een artikel in VNG Magazine van 24 maart jl. bepleit wethouder Patrick Welman van de gemeente Enschede een rol van de lokale overheid bij een verzoekschrift tot instellen van beschermingsbewind. Dit vanwege de toenemende kosten bijzondere bijstand. Naar eigen zeggen zou dit een betere oplossing zijn dan dat het Rijk meer middelen beschikbaar stelt voor bijzondere bijstand. Een hartenkreet die vanuit de lokale overheden en VNG meer is te horen. Instelling van het bewind kan worden verzocht door de rechthebbende, zijn echtgenoot, zijn geregistreerde partner dan wel andere levensgezel, zijn bloedverwanten in de rechte lijn en in de zijlijn tot en met de vierde graad, degene die ingevolge artikel 253sa of 253t het gezag over de rechthebbende uitoefent, zijn voogd, zijn curator als bedoeld in titel 16 en zijn mentor als bedoeld in titel 20. In het in artikel 431, derde lid, bedoelde geval kan het bewind uitsluitend worden verzocht door de rechthebbende. Instelling van het bewind kan voorts worden verzocht door het openbaar ministerie en door de instelling waar de rechthebbende wordt verzorgd of die aan de rechthebbende begeleiding biedt. Instelling van een bewind wegens verkwisting of het hebben van problematische schulden kan tevens worden verzocht door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waar de rechthebbende woonplaats heeft. In beide laatste gevallen vermeldt het verzoekschrift tevens waarom de in het eerste lid genoemde personen – bloedverwanten in de zijlijn in de derde en vierde graad daaronder niet begrepen – niet tot indiening van een verzoek zijn overgegaan.

Zoals uit de voorgaande wettekst blijkt heeft de overheid bij de beoordeling van verzoeken om instelling van beschermingsbewind geen rol. Enerzijds vind ik dat een goede zaak omdat daarmee de overheid buiten de particuliere levenssfeer blijft, anderzijds heb ik in een ander artikel over een andere aanpak van de schuldenproblematiek gepleit voor een centrale rol van de lokale overheid in dit proces, ook ten aanzien van onderbewindstelling van mensen met problematische schulden.

Het komt nu te vaak voor dat vele partijen in een schuldendossier actief zijn zonder het van elkaar te weten en dat werkt niet bevorderend voor een goede afloop.

 

Ik zou best voorstander zijn om gemeenten een rol te geven bij de onderbewindstelling daar waar het louter en alleen gaat om personen met problematische schulden. Daar waar het niet gaat lukken met budgetcoaching en/of budgetbeheer kan een bewindvoerder op zijn plaats zijn. Ik heb nu weleens de indruk dat iemand bewind aanvraagt omdat een beoogd bewindvoerder dat adviseert vanuit de ooghoek van “economisch verdienmodel”. Het aantal bewinden stijgt nog steeds sterk evenals het aantal bewindvoerderskantoren. Sinds kort wordt op basis van een Amerikaans onderzoek onderkend dat de schuldenproblematiek niet alleen een financieel probleem is maar ook een gedragsprobleem. Vanuit die gedragsproblematiek kan het in een aantal gevallen zinvol zijn om de betreffende persoon onder bewind te stellen. Voorts ben ik van mening dat bewindvoerders veel scherper moeten kijken of voortzetting van een bewind na een bepaalde periode objectief gezien nog wel noodzakelijk is. Dus ook hier geldt weer dat de klant niet louter en alleen moet worden gezien als “economisch verdienmodel”.

Als lokale overheden een rol krijgen dan dient wel gewaakt te worden dat niet vanuit een financiële invalshoek de zaak wordt bekeken, in de zin van dat instellen bewind weleens tot kosten in de bijzondere bijstand zou kunnen leiden. We hebben die financiële invalshoek al kunnen waarnemen bij het sociaal domein.

Ik heb wel de indruk dat een wetswijziging als hierboven bepleit bij de landelijke politiek niet als urgent wordt gezien, terwijl dit vanuit het oogpunt van armoede- en schuldhulpbeleid wel zou moeten.