Adempauze, maar is er na de pauze nog wel adem?

Staatssecretaris Klijnsma heeft met de brancheverenigingen NVVK, KBvG, VNG en de vier grote gemeenten overeenstemming bereikt over het per 1 januari a.s. invoeren van een adempauze voor schuldenaren. De adempauze is dan bedoeld om rondom de schuldenaar rust te creëren en om onder regie van de gemeente in het kader van de schuldhulpverlening tot een minnelijke oplossing te komen. Een conceptregeling is al bekend en deze geeft mij aanleiding om een aantal kanttekeningen te plaatsen. In de 26 bladzijden (incl. toelichting) tellende regeling komt het woord “bewindvoerder” welgeteld eenmaal voor, terwijl een bewindvoerder bij uitstek de persoon is die de schuldenaar beschermt tegen deurwaarders, incassobureaus e.d. Voorts is hij in staat om te voorkomen dat er nieuwe schulden ontstaan. Bij uitstek de functionaris die voor een schuldenaar van belang kan zijn. Naast het in kaart brengen van de schulden, het opstellen van budgetplan en het betalen van de vaste lasten, kijkt de bewindvoerder ook of alle bestaande regelingen zijn benut. Op basis van zijn werkzaamheden ontstaat een helder beeld van de schulden, de eventuele aflossingscapaciteit en bescherming van de schuldenaar. De beschermingsbewindvoerder mag echter niet met de schuldeisers onderhandelen over een minnelijke oplossing. Gek eigenlijk, als je bedenkt dat een bewindvoerder op grond van de Wet consumentenkrediet bij consumentenkredieten wel mag onderhandelen over een minnelijke oplossing. Omdat het een vanuit de overheid gelanceerd idee is snap ik wel dat de bewindvoerder in de regeling geen plaats krijgt. Gemeenten en VNG klagen steen en been over de kosten van bewindvoerders die - vaak - vanuit de bijzondere bijstand worden gefinancierd. De overheid zou kosten kunnen besparen als de schuldhulpverlening op een andere wijze wordt ingericht. Mijn voorstel zou zijn om de bewindvoerder – mede – te belasten met de uitvoering van een aantal onderdelen van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Als dat betekent dat aan bewindvoerders hogere kwaliteitseisen moeten worden gesteld, prima! Gemeenten kunnen op deze wijze geld besparen want zij hoeven veel minder schuldhulpverleners in dienst te hebben. Ook een aanbeveling kan zijn dat bewindvoerders, deurwaarders, incassobureaus e.d. en schuldhulpverlening beter met elkaar gaan samenwerken. In de dagelijkse praktijk zie ik – vaak – dat iedereen over elkaar heen buitelt en dat er voor alle betrokken partijen onduidelijke situaties ontstaan, met als eindresultaat nog steeds problemen voor de schuldenaar en de schuldeiser krijgt zijn vordering niet geïnd. In een aantal gevallen heb ik een prima samenwerking met schuldhulpverlening en kan er voor de klant adequaat en voortvarend worden gewerkt. Een ander heikel punt is de beslagvrije voet. Wettelijk geregeld in de artikelen 475d e.v. Wetboek burgerlijke rechtsvordering maar vaak door deurwaarders e.d. niet nageleefd. Dat is in een groot aantal gevallen hen niet verwijtbaar omdat de benodigde gegevens om tot een adequate beslagvrije voet te komen niet worden ingeleverd. Mijn voorstel is dat iedereen de beslagvrije voet respecteert en vanuit die basis aan de slag gaat. Ook daar kan de bewindvoerder voortvarend optreden en ervoor zorgdragen dat schuldeisers een goed berekende beslagvrije voet krijgen. Ook dat kan ademruimte scheppen voor de schuldenaar omdat in veel gevallen het besteedbaar inkomen voor de vaste lasten en levensonderhoud stijgt. Je kunt je afvragen of bedoelde regeling voor schuldenaren een oplossing is. Het is prettig dat je gedurende een periode van zes maanden geen beslagleggingen e.d. krijgt maar het kan ook uitnodigen tot het maken van meer schulden, immers de schuldeiser blijft een tijdje weg. Vervolgens rijst de vraag wat er na die zes maanden gaat gebeuren. Schulden zijn niet betaald en er is weliswaar niet hoger geworden door rente e.d. maar een oplossing is nog steeds niet in zicht. In die zin rijst de vraag of er na de pauze nog wel adem is. Het wekt nu het idee van een verkapte verkiezingsstunt van een politieke partij in nood. Wellicht is voor hen een adempauze ook een optie?